Kennisbank brandveiligheid2018-09-20T14:21:11+00:00

Kennisbank

brandveiligheid

Kennisbank voor brandveiligheid en brandpreventie. Zoek op alfabetische volgorde hieronder uw onderwerp op. De kennisbank brandveiligheid wordt altijd geactualiseerd. Het kan daarom zijn dat uw onderwerp nog niet is ingevuld, neem voor vragen geheel vrijblijvend contact met ons op.

Aannemer2018-08-24T14:33:55+00:00

Een aannemer is soms ook op de hoogte van de regels rondom brandveiligheid.

Aanschrijving Gemeente2018-09-20T15:02:16+00:00

Wanneer het bevoegd gezag (de gemeente, vaak bijgestaan door de veiligheidsregio / brandweer) na bijvoorbeeld een controle aanleiding heeft te veronderstellen dat de brandveiligheid in je gebouw niet op orde is kan ze je een brief sturen waarin ze haar bevindingen noemt. Zo’n brief, een aanschrijving, bestaat in verschillende gradaties van ernst. Het kan gaan om een melding van gebreken, maar ook een formele ‘last onder bestuursdwang‘. In beide gevallen staat er precies waarom er iets van je verwacht wordt maar er kan direct een enorme druk en overlast ontstaan tot het risico van sluiten van je gebouw toe.

Witlox Brandveiligheid heeft veel, heel veel ervaring met het snel en structureel oplossen van dit soort problemen en functioneert vaak als eerstelijns crisismanagement. Je kunt ons voor dit soort zaken 24/7 bereiken en we staan ook 24/7 voor je klaar.

Welgemeende tip tot het moment dat wij het voor je gaan regelen; blijf rustig en fatsoenlijk. Raak niet in paniek en ga geen ad-hoc acties bedenken. Zodra wij er zijn zullen we als filter tussen jou en het bevoegd gezag kunnen optreden. Wij spreken hun taal en je zult zien dat dit de oplossing altijd versnelt, verbetert en de te nemen voorzieningen (kosten) proportioneel houdt. Blijf dus vooral fatsoenlijk, je hoeft niets te zeggen tot wij er zijn.

Aansluitafstand2018-07-30T13:12:29+00:00

Afstand tussen een leiding van het distributienet en het deel van het bouwwerk dat zich het dichtst bij de leiding bevindt, gemeten langs de kortste lijn waarlangs een aansluiting zonder bezwaren kan worden gemaakt.

Aansluitend terrein2018-07-30T13:13:47+00:00

Aan een bouwwerk grenzend onbebouwd gedeelte van een perceel of openbaar toegankelijk gebied

ADR-klasse2018-07-30T13:21:17+00:00

Classificatie als bedoeld in de op 30 september 1957 te Geneve tot stand gekomen Europese overeenkomst betreffende het internationale vervoer van gevaarlijke goederen over de weg (Trb. 1959 , 171)

Adviesbureau’s Brandveiligheid2018-06-27T13:08:29+00:00

Witlox Brandveiligheid: Onafhankelijk adviesbureau

Artikel2018-08-21T15:34:46+00:00

In het Bouwbesluit 2012 staat het volgende over Brandveiligheid  in:

Artikel 2.10. Tijdsduur bezwijken

1.

Een vloer, trap of hellingbaan waarover of waaronder een vluchtroute voert, bezwijkt niet binnen 30 minuten bij brand in een subbrandcompartiment waarin die vluchtroute niet ligt. Dit geldt niet voor de vloer van een buitenruimte van een woonfunctie.

2.

Een bouwconstructie bezwijkt bij brand in een brandcompartiment waarin die bouwconstructie niet ligt, niet binnen de in tabel 2.10.1 aangegeven tijdsduur door het bezwijken van een bouwconstructie binnen of grenzend aan dat brandcompartiment.

Voor zover dat brandcompartiment een woonfunctie is, geldt dit niet voor een bouwconstructie van een aan dat brandcompartiment grenzend subbrandcompartiment of grenzende buitenruimte.

3.

In afwijking van het tweede lid wordt de in tabel 2.10.1 aangegeven tijdsduur met 30 minuten bekort, indien geen vloer van een verblijfsgebied van de gebruiksfunctie hoger ligt dan 7 m boven het meetniveau en de volgens NEN 6090 bepaalde permanente vuurbelasting van het brandcompartiment niet groter is dan 500 MJ/m².

4.

Een bouwconstructie van een gebruiksfunctie met een vloer van een gebruiksgebied hoger dan 5 m boven het meetniveau of lager dan 5 m onder het meetniveau bezwijkt bij brand in een brandcompartiment waarin de bouwconstructie niet ligt, niet binnen 90 minuten door het bezwijken van een bouwconstructie binnen of grenzend aan het brandcompartiment.

5.

Een bouwconstructie bezwijkt bij brand in een brandcompartiment waarin de bouwconstructie niet ligt, niet binnen de in tabel 2.10.2 aangegeven tijdsduur door het bezwijken van een bouwconstructie binnen of grenzend aan het brandcompartiment.

Asbest2018-07-30T13:24:27+00:00

Asbest als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder a, van het Asbestverwijderingsbesluit 2005

Basisnetroute2018-07-30T13:25:32+00:00

Basisnetroute als bedoeld in het Besluit externe veiligheid transportroutes.

Batterijen en Accu’s2018-09-20T15:21:09+00:00

Brandveiligheid is preventie (brand voorkomen) en als dit niet lukt het effect er van te minimaliseren. Er komen steeds vaker batterijen (accu’s) in gebouwen, denk niet alleen aan mobiele telefoon, maar nadrukkelijk ook aan scootmobielen, apparaten (bij bedden) en hoverboards.

Het niet in huis of in je (zorg)gebouw halen van dit soort zaken is de beste preventie. Mocht dit nu wel noodzakelijk zijn dan heeft veiligheidsregio Haaglanden over scootmobielen, mede in overleg met Instituut Fysieke Veiligheid (IFV), een publicatie gemaakt die we je op verzoek kunnen mailen.

We krijgen ook regelmatig de vraag hoe je eventuele branden met batterijen moet blussen. Een terechte vraag waarop tot op dit moment (Q3 2018) nog geen goed onderzoek over bekend is. Meerdere partijen beweren het correcte blusmiddel te hebben maar dat is nog niet wetenschappelijk aangetoond. Gevraagd aan IFV wat zij er van denken: “De kern van het handelingsperspectief zit er in om preventief of repressief uitbreiding van de brand (afhankelijk van het stadium van de brand) naar nog niet branden cellen, of andere accu’s of het object waar de accu in geplaatst is, te voorkomen. Er zijn wel wat blusmiddelen op de markt (waar nog weinig ervaring mee is opgedaan), maar veel water is nog steeds het beste handelingsperspectief.

Dit laatste, veel water, kan worden uitgelegd als: koel zoveel mogelijk.

Bedgebied2018-07-30T13:26:14+00:00

Verlblijfsgebied met een of meer bedruimten

Bedieningscentrale2018-07-30T13:27:46+00:00

Centrale met voorzieningen om voorvallen te detecteren, installaties te bedienen en met tunnelgebruikers en hulpverleningsdiensten te communiceren

Bedruimte2018-07-30T13:29:26+00:00

Verblijfsruimte bestemd voor een of meer bedden bestemd voor slapen of voor het verblijf van aan bed gebonden patiënten in die ruimte

Belastingcombinatie2018-07-30T13:34:26+00:00

Verzameling van belastingen die gelijktijdig kunnen optreden

Berekening inbrandsnelheid hout2018-08-22T10:14:21+00:00

Berekeningen van brandwerendheden van houtconstructies worden in Eurocode 1995-1-2 beschreven. De meeste berekeningen zijn gebaseerd op overdimensionering, waarbij de inbrandsnelheid een deel van de houten constructie wordt berekend. Deze inbrandsnelheid of carbonistatiesnelheid verschilt per houtsoort en per soort aanstraling. Zo wordt een kolom aan vier zijden aangestraald, terwijl een wand slechts aan één zijde wordt aangestraald.

De berekening van de brandweerstand van hout met behulp van de inbrandsnelheid geeft als uitkomst dat deel van het hout dat bijvoorbeeld na 30 of 60 minuten nog resteert. De berekening van deze resterende nuttige doorsnede na een bepaalde brandduur moet voldoende zijn om de aanwezige belasting te kunnen dragen.

De vuistregel voor de inbrandsnelheid hout is 1 mm/minuut (maar dit is érg afhankelijk van de houtsoort)

Beschermd Subbrandcompartiment2018-07-30T14:32:10+00:00

Gedeelte van een bouwwerk dat binnen de begrenzing van een subbrandcompartiment ligt of daarmee samenvalt, dat meer bescherming biedt tegen brand of rook dan een subbrandcompartiment

Beschermde route2018-07-30T13:44:41+00:00

Buiten het subbrandcompartiment waar de vluchtroute begint gelegen gedeelte van een vluchtroute

Beschermde vluchtroute2018-07-30T13:45:58+00:00

Buiten een subbrandcompartiment gelegen gedeelte van een vluchtroute die uitsluitend voert door een verkeersruimte

Bevoegd gezag2018-07-30T13:46:56+00:00

Bevoegd gezag als bedoeld in de Wabo

Bezwijken2018-07-30T13:47:34+00:00

Het overschrijden van een uiterste grenstoestand

Bijeenkomstfunctie2018-08-07T14:07:24+00:00

Voor de toepassing van de bij of krachtens dit (bouw)besluit gegeven voorschriften wordt hieronder voorts verstaan:
Gebruiksfunctie voor het samenkomen van personen voor kunt, cultuur, godsdienst, communicatie, kinderopvang, het verstrekken van consumpties voor het gebruik ter plaatse of het aanschouwen van sport

Bijeenkomstfunctie voor kinderopvang2018-08-08T16:25:22+00:00

Voor de toepassing van de bij of krachtens het bouwbesluit gegeven voorschriften wordt hieronder verstaan: Bijeenkomstfunctie voor het bedrijfsmatig opvangen, verzorgen, opvoeden en begeleiden van kinderen die het basisonderwijs nog niet hebben beeïndigd, niet zijnde gastouderopvang als bedoeld in de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen

Bijna energieneutraal gebouw2018-07-30T14:05:19+00:00

Gebouw met een zeer hoge energieprestatie, waarbij de dicht bij nul liggende of zeer lage hoeveelheid energie die is vereist in zeer aanzienlijke mate wordt geleverd uit hernieuwbare bronnen die deels ter plaatse of dichtbij worden geproduceerd

Bouwconstructie2018-07-30T14:06:08+00:00

Onderdeel van een bouwwerk dat bestemd is om belasting te dragen

Bouwschil2018-07-30T14:07:06+00:00

De geïntegreerde onderdelen die de binnenruimte van een gebouw scheiden van de buitenwereld

Bouwwerk geen gebouw zijnde2018-08-07T14:12:52+00:00

Voor de toepassing van de bij of krachtens het (bouw)besluit gegeven voorschriften wordt hieronder verstaan:
Bouwwerk of gedeelte daarvan, voor zover dit geen gebouw of onderdeel daarvan is

Brandblusser2018-08-23T07:56:30+00:00

In artikel 6.31 van het Bouwbesluit, artikel 1, staat iets over blustoestellen. De tekst luidt: “voor zover daarin niet reeds voldoende door de aanwezigheid van brandslanghaspels is voorzien, is een gebouw voorzien van voldoende draagbare of verrijdbare blustoestellen om een beginnende brand zo snel mogelijk door in het gebouw aanwezige personen te laten bestrijden”.

De vraag is dus: Wat zijn voldoende brandblussers?

De gebouweigenaar, -gebruiker moet dit zelf vaststellen, maar Arbodiensten (Arbowetweter) geven daar een mogelijke richting aan:

Hoeveel brandblussers nodig zijn, hangt van een groot aantal factoren af. Een factor is natuurlijk hoe groot het risico is dat er een brand ontstaat. Verder is ook de grootte van het bedrijf en het aantal medewerkers van belang. Het brandrisico is ook van invloed op de keuze voor een poeder- of schuimblusser, een CO2-brandblusser of een andere type blusmiddel. Als er geen sprake is van een verhoogd brandrisico, dan is in de regel één blusser (6 liter (sproei) schuim, 6 kg poeder of 5 kg CO2) per 200 m2 voldoende met een minimum van twee per verdieping, zo volgt uit de richtlijn NEN 4001. De maximale loopafstand tot een brandblusser is 20 meter. Worden er echter brandgevaarlijke werkzaamheden verricht of brandbare stoffen opgeslagen, dan moet er één blusser per 100m2 aanwezig zijn met een minimum aantal van drie per verdieping.

Brandcompartiment2018-07-30T14:26:54+00:00

Geldeelte van een of meer bouwwerken bestemd als maximaal uitbreidingsgebied van brand

Brandgevaarlijke stof2018-07-30T14:30:44+00:00

Vaste, vloeibare of gasvormige stof die brandbaar of brandbevorderend is, of bij brand gevaar oplevert, in de zin van ADR-klassen twee tot en met vijf

Brandklasse2018-07-30T14:47:40+00:00

Europese brandklasse als bedoeld in NEN-EN 13501-1, Onderdeel Classification criteria for construction products

Brandveiligheid2018-07-30T13:33:25+00:00

In deze Kennisbank kunt u een groot aantal begripsbepalingen vinden. Brandveiligheid is in onze ogen een vak en wij zijn hier dagelijks mee bezig.

Brandweerlift2018-07-31T12:39:33+00:00

Lift die met een eenvoudige handeling ter beschikking van de brandweer kan worden gesteld voor het transport van materieel en manschappen

Brandwerend glas2018-08-23T15:31:26+00:00

Brandwerend glas en spiegeldraadglas is een vaak slecht begrepen en geplaatst element. Ook wel begrijpelijk want noch de norm (NEN 6969) noch de informatie is eenduidig en voor leken begrijpelijk. Witlox Brandveiligheid doet hier een poging voor je:

Om te beginnen: Glas moet afhankelijk van de plaats waar het geplaatst wordt, EI of EW zijn. EI staat voor glas met thermische isolatie, EW staat voor glas met ‘slechts’ stralingseisen. Als vuistregel geldt dat brandwerend glas in een deur altijd EW is, evenals de zijlichten tot 1,5 meter. Wanneer een glas zich in een brandwerende wand bevind en (of) op meer dan 1,5 meter van een deur dan is het altijd EI glas.

Ten tweede: Brandwerend glas is er in twee varianten, 1- of 2 zijdig brandwerend. Je  moet je dit goed realiseren voordat je het koopt of (laat) plaats(t)en. Als vuistregel geldt dat brandwerend glas in scheidingen van brandcompartimenten geplaatst wordt 2-zijdig moet zijn en in subbrandcompartimenten 1-zijdig. Is het dit laatste, dus 1-zijdig, zorg er dan voor dat de brandzijde altijd vanuit het subbrandcompartiment gerealiseerd wordt, dus niet andersom. In dit geval moet de gravure (sticker) vanuit het subbrandcompartiment leesbaar zijn (niet in spiegelbeeld).

Ten derde: Spiegeldraadglas. Een verhaal apart. Mag het nu wel of niet? Het volgende deel hebben we uit de uitgave Essentiële Bouwkundige Controlepunten van BBN gekopieerd (schuingedrukte tekst) maar niet voor je te zeggen hoe je spiegeldraadglas herkent. Spiegeldraadglas is vlak en totaal transparant. Heb je dus ‘gebobbeld’, niet helemaal transparant glas, dan heb je dus geen spiegeldraadglas en mag je dit nooit gebruiken in brand- en rookscheidingen.

In bestaande bouw, beoordeeld volgens NEN 6069:1991 (vergunning voor maart 2007)
• 30 minuten rookwerend, oneindig toepasbaar, mits testafmeting niet wordt overschreden
• 30 minuten brandwerend, afmeting conform testrapport, maximale oppervlak 1,7 m2.
In een scheiding van 2,5 x 2,5 m. EW, geen EI.
• 60 minuten brandwerend, afmeting conform testrapport, maximaal oppervlak 0,88 m2.
In een scheiding van 2,5 x 2,5 m. EW, geen EI.

In nieuwbouw, beoordeeld volgens NEN 6069:2005 of 2011 (vergunning na maart 2007)
• 30 minuten rookwerend, oneindig toepasbaar, mits testafmeting niet wordt overschreden. Conform criterium E20, niet voor Sm(200).
• 30 minuten brandwerend, mag als maximaal oppervlak 2,16 m2 in een stalen profielsysteem of 2.43m2 in een houten profielsysteem worden toegepast. Glasafmeting en totaal glasoppervlak conform testrapport. EW, geen EI.
• 60 minuten brandwerend, geen NEN-EN 1364-1 testrapport voorhanden dus niet toepasbaar. EW, geen EI.

• Opschuimende band gebruiken.
• Vrije ruimte rondom het glas: conform testrapport.
• Onbrandbare steunblokjes gebruiken.
• Naast brandveiligheid gelden er ook andere zaken zoals letselveiligheid en doorvalveiligheid. Controleer of de toegepaste producten voldoen aan de gestelde eisen zoals in de NEN 3569 / NEN 2608 staan omschreven. Spiegeldraadglas in niet doorvalveilig en voldoet aan letselveiligheidsklasse 3(B)3 (mag niet worden toegepast in vluchtroutes).

Heb je nog vragen? Bel ons, we willen je helpen! Heb je écht iets gehad aan deze info of heb je aanvullende info? Laat het ons weten!

Brandwerend glas, mits goed ingekocht en geplaatst werkt! Zie deze kantoorwand waar je de ordners tegen de opgeschuimde brandwerende beglazing aan ziet staan terwijl er aan de andere kant (magazijn) brand heeft gewoed.

Brandwerende afdichtingen2018-09-20T14:23:36+00:00

Een brandwerende afdichting is een afdichting in een brandscheidende wand of plafond (vloer). Brandwerende afdichtingen hebben altijd een brandwerende functie WBDBO die wordt uitgedrukt in minuten. Ze moeten altijd een EI scheidende functie hebben, waarbij E staat voor vlamdichtheid en I voor thermische weerstand (isolatie). Er zijn gelukkig heel veel goede producenten (kijk naar de leden van BBN) maar helaas zijn er ook veel installatiebedrijven die niet goed weten hoe ze goede brandwerende doorvoeringen moeten maken. Witlox Brandveiligheid kan hier tijdens de werkzaamheden en bij opleveringen goed diensten verrichten. Vaak is het aankondigen van onze komst al een verbetering van de uitgevoerde werkzaamheden(!)

 

Brandwerende betonconstructies2018-08-22T09:04:13+00:00

Beton heeft een hoge druksterkte, maar een lage streksterkte. Beton en betonconstructies zijn niet brandbaar. Maar dat wil niet zeggen dat betonconstructies altijd voldoende brandwerend of brandveilig zijn. Hierdoor wordt een stalen wapening aan het beton toegevoegd om de treksterkte van het beton te verhogen. Deze wapening moet voldoende betondekking hebben om te voldoen aan de brandwerendheidseis.

Brandgedrag betonconstructies is complex

Het brandgedrag van betonconstructies kan zeer complex zijn. Factoren die een rol spelen zijn:

  • Temperatuur van de wapening in het beton moet laag blijven. Dit wordt meestal bereikt door voldoende betondekking op de wapening (in Eurocode 3: NEN-EN 1992 deel 1 & 2 wordt aangegeven wat de minimale vereiste dekking moet zijn voor beton).
  • Spanning en vervorming als gevolg van ongelijke temperatuurverdeling. De verhitte zijde zet uit, terwijl de niet verhitte zijde koud blijft en niet uitzet. Hierdoor ontstaan spanningsverschillen.
  • ‘Spalling’ ofwel afspatten van beton tijdens brand als gevolg van scheurvorming of het verdampen van (al dan niet gebonden) water in het beton, legt de wapening bloot. Dit leidt tot een snellere bezwijking. Voor alle betonconstructies geldt dat het vochtgehalte in het beton lager moet zijn dan drie procent.
  • Een combinatie van bovengenoemde factoren.

Betonconstructie beschermen voor brandwerendheidseis

In tunnels en parkeergarages kunnen situaties ontstaan die bescherming vereisen. Ook oudere constructies met een te lage dekking op de wapening kunnen goed beschermd worden om zodoende toch aan de brandwerendheidseis te voldoen. Hierbij moet niet alleen naar de dekking op de wapening worden gekeken maar ook naar de totale afmetingen van kolommen en liggers en naar de dikte van vloeren en wanden.

Betonconstructies kunnen tegen brand worden beschermd met drie opties:

  1. Brandwerende spuitpleisters
  2. Brandwerende platen
  3. Brandwerende coatings voor beton
Brandwerende deuren2018-08-21T15:36:32+00:00

Slachtoffers van brand vallen meestal door rookvergiftiging. Een van de beste dingen die je kunt doen om rook bij brand tegen te houden is daarom het sluiten van (brand)deuren!

Het Bouwbesluit heeft als doel dat mens en dier veilig een brandend pand kunnen verlaten en te voorkomen dat de brand overslaat naar de buren. Daarom en alléén daarom zijn er eisen voor alle gebouwen in Nederland.

Alle brandwerende deuren in Nederland, dat wil zeggen branddeuren die in een brand- of rookscheiding zitten, moeten daarom zelfsluitend zijn zo staat in artikel 6.26 lid 1. Er staat letterlijk: “Een beweegbaar constructieonderdeel in een inwendige scheidingsconstructie waarvoor een eis aan de weerstand tegen branddoorslag, weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag of weerstand tegen rookdoorgang geldt, is zelfsluitend”.

Omwille van de veiligheid zitten er op branddeuren dus deurdrangers. Dat is niet voor niets en wel begrijpelijk dat het comfort soms minder is met gesloten deuren: het ventileert wel lekker of geeft makkelijker sociaal contact. Toch is het écht zaak branddeuren dicht te houden.

Veiligheid

Voor uw eigen veiligheid: plaats nooit kegjes of wigjes onder branddeuren. Zet er ook geen prullenbak of brandblusser voor. Brandwerende deuren moeten altijd kunnen sluiten om u en anderen genoeg tijd te geven om rookvrij veilig te kunnen vluchten.

Is een branddeur dan het enige waar u op moet letten? Nee! In de gang waar de brandwerende deur zit, zal vaak een verlaagd plafond zitten. Onder het plafond, boven de deuren zitten vaak gaten in de muur om kabels, leidingen of luchtkanalen door te voeren. Ook deze gaten, sparingen genoemd, zullen dicht gezet moeten worden en blijven (!) om te voorkomen dat rook zich te snel door het gebouw verspreid. Vloeren wanden, puien, deuren en ramen moeten dus in het geheel gedurende enig tijd weerstand bieden tegen brand en rook.

Doe de deur dicht!

Brandweer Nederland is in samenwerking met de Nederlandse Brandwonden Stichting enige tijd geleden een actie voor gestart. Het gaat immers niet alleen om wettelijke verplichtingen maar om bewustwording van gebruikers van gebouwen. Kijk ook eens op www.brandweer.nl/brandveiligheid/doe-de-deur-dicht

Brandwerende houtconstructies2018-08-22T08:44:29+00:00

Houtconstructies worden niet vaak in hoogbouw toegepast. Toch kan het gebeuren dat houten draagconstructies brandwerend moeten zijn. Alhoewel hout kan branden, bezitten houten draagconstructies toch een eigen brandwerendheid. Deze brandwerendheid wordt ontleend aan overdimensionering. De geleidelijke inbranding van het houten deel is dan kleiner dan de resterende doorsnede waarbij de resterende doorsnede voldoende dragend vermogen behoudt.

CCV2018-08-21T15:17:36+00:00

Hoe weet jij nou zeker dat de leverancier levert wat jij nodig hebt? Er kan bijvoorbeeld een fout zijn gemaakt in het ontwerp (Plan van Eisen / PvE). Worden de juiste componenten gebruikt? Is de installatie aangelegd door vakbekwaam personeel? Een leverancier zal haar installatie opleveren aan je en misschien een productcertificaat leveren. Dit is kan echter een advies worden van ‘wij van WC eend adviseren WC eend’.

Nu is het zo dat het certificeren van installaties bij wet (Bouwbesluit) soms verplicht is. In die gevallen ben je verplicht dit te laten doen door een zogenaamde inspectie instelling. Dit zijn speciaal daarvoor geaccrediteerde en gecertificeerde bedrijven die o.a. moeten garanderen dat ze onafhankelijk zijn. Ook bij het aankopen van een niet verplicht te certificeren installatie zouden wij ons kunnen voorstellen dat je toch een inspectie instelling vraagt je opgeleverde installatie te certificeren. Je hebt er immers dan zeker zelf voor gekozen en je wilt ook dat ze werkt.

Helaas is in de wereld van brandveiligheid alleen sprake van officiële, wettelijk verplichte certificering van installaties (brandmeldinstallatie, ontruimingsalarminstallaties, rookwarmteafvoer installaties, sprinklerinstallaties). Het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (CCV) is door de overheid aangesteld om daarvoor ‘inspectieschema’s’ te definiëren en nadat de Raad van Accreditatie een inspectie instelling heeft geaccrediteerd zal het CCV deze instelling (voor bepaalde installatiecertificering) accepteren.

Bij bouwkundige brandveiligheidsvoorzieningen is dit niet verplicht en bestaat er geen certificering van bouwkundige voorzieningen. Wel is er een onafhankelijke stichting die de kwaliteit van bouwkundige brandveiligheid in de gaten houdt. Dat is de Stichting Register Montage Brandveiligheid.

CE-markering2018-07-31T12:41:24+00:00

CE-markering als bedoeld in artikel 8 van de verordening bouwproducten

Cel2018-08-08T16:28:28+00:00

Voor de toepassing van de bij of krachtens het bouwbesluit gegeven voorschriften wordt hieronder verstaan: Voor een enkel persoon of een afzonderlijke groep personen bestemd gedeelte van een celfunctie

Celfunctie2018-08-07T14:15:32+00:00

Voor de toepassing van de bij of krachtens het (bouw)besluit gegeven voorschriften wordt hieronder verstaan: Gebruiksfunctie voor dwangverblijf van personen

Dagwaarde2018-07-31T12:45:22+00:00

De waarde van het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau voor geluid tussen 07.00 tot 19.00 op de gevel van een geluidsgevoelig object als bedoeld in artikel 11.1 van de Wet milieubeheer, vermeerderd met een eventuele toeslag voor geluid met een impulskarakter, bepaald volgends de Handleiding meten en rekenen industrielawaai, internetuitgave 2004

Deuren brandwerend2018-08-21T15:48:50+00:00

We onderscheiden vier soorten voorzieningen met betrekking tot deuren in het kader van Brandveiligheid:

  1. Automatische bediende deuren;
  2. Draaideuren.
  3. Deurvergrendelingen;
  4. Deurvastzetinrichtingen;

Het bouwbesluit, artikel 7.12, geeft aan dat deuren die zich in een vluchtroute bevinden uitsluitend gesloten mogen worden als deze bij het vluchten, zonder gebruik te hoeven maken van een sleutel, kunnen worden geopend. Dit betekent dat deuren in vluchroutes  daarom niet op slot mogen zijn. Het artikel 6.26 in het bouwbesluit, geeft ook aan dat deuren in een inwendige scheidingsconstructie met een eis voor WBDBO of WRD,  zelfsluitend moeten zijn. In de praktijk betekent dit, dat deze deuren moeten zijn voorzien van een dranger. Artikel 7.3 geeft aan dat deze zelfsluitende constructie onderdelen niet vast mogen worden gezet indien deze bij het ontstaan van brand en rook niet automatisch dicht gaan worden gesloten.

Distributienet voor warmte2018-07-31T13:31:24+00:00

Collectief circulatiesysteem voor het transport van warmte door een circulerend medium voor verwarming of warmtapwater

Doorgang2018-07-31T13:33:34+00:00

Toegang, uitgang of doorlaatopening voor personen van een bouwwerk of van een gedeelte daarvan.

Erf2018-07-31T13:36:14+00:00

Erf als bedoeld in bijlage II bij het Besluit Omgevingsrecht

Eurocodes2018-08-22T08:39:15+00:00

Brandwerende constructies moeten aan Eurocodes voldoen. Brandwerende constructies worden gecontroleerd en berekend aan de hand van de brandwerendheidseis in de Eurcodes. In deze codes worden verschillende constructies genoemd.

Extra beschermde vluchtroute2018-07-31T13:38:25+00:00

Buiten het brandcompartiment gelegen gedeelte van een beschermde vluchtroute

Functiebehoud2018-08-22T09:17:03+00:00

Bij brand is de betrouwbaarheid en bedrijfszekerheid van de veiligheidssystemen van levensbelang. Dat geldt voor o.a. de noodverlichting, brandblusinstallaties, brandweerliften, alarmsignalen, monitor- en ventilatiesystemen, brandmeld- en ontruimingsalarm

De passieve brandveiligheid van een elektrische installatie wordt vooral bepaald door de gebruikte kabels.

De hoeveelheid kabels in moderne bouwwerken is groot en neemt toe. In veel gebouwen liggen kabelladders en draagsystemen, waarvan de kabels per strekkende meter 5 tot 10 liter brandbaar kunststof bevatten.

De hoeveelheid kabels per vierkante meter kantoorgebouw varieert van ongeveer 2 kg kabel voor een eenvoudig kantoor tot wel 5 kg voor een moderne ICT-omgeving. Uitgedrukt in liters kunst(brand)stof per vierkante meter is dit respectievelijk ongeveer 0,7 en 1,5 liter per vierkante meter kantoorruimte.

De kabels die worden gebruikt, moeten tijdens een brand langere tijd betrouwbaar blijven werken. Deze eigenschap van kabels wordt aangeduid met ‘functiebehoud’.

Functiebehoud geldt voor alle kabels, met uitzondering van de kabel tussen de centrale eenheid enerzijds en de ontruimingshandmelders en/of eventueel aanwezige automatische brandmelders anderzijds.
Kabels waarvoor functiebehoud geldt, moeten gedurende minimaal 30 min na het ontstaan van een brand blijven functioneren. Dit betekent dat binnen 30 min na het ontstaan van een brand geen draadbreuk en/of sluiting in de kabel mag ontstaan als gevolg van die brand.

Om voldoende functiebehoud van de kabel te kunnen waarborgen moeten één of meer van de hierna volgende voorzieningen worden toegepast.

  • Een type kabel toepassen waarvan met de beproevingsmethode uit NEN-EN 50200 is aangetoond dat de kabel een functiebehoud van ten minste 30 min heeft. Een kabel met functiebehoud moet volgens de richtlijn worden bevestigd.
  • Een kabel zonder functiebehoud zo beschermen (bijvoorbeeld door bouwkundige maatregelen) dat deze minimaal 30 min na het ontstaan van een brand nog blijft functioneren;
  • Een technische voorziening treffen die er voor zorgt dat de transmissie volledig via een andere kabel mogelijk blijft. Door bijvoorbeeld een ringnetwerk toe te passen, waarbij het deel dat door een brand wordt getroffen volledig wordt geïsoleerd, kan worden gerealiseerd dat de transmissie volledig via een andere kabel blijft functioneren. Voorwaarde is dan wel dat de kabelweg door gescheiden ruimten loopt, met uitzondering van de ruimte waarin de apparatuur is opgesteld en de ruimte met de apparatuur die de ring aanstuurt (meestal de centrale eenheid)

Bron: Uneto-Vni, NEN 2535: 1996/A1:2002,2575–NPR 6095

Functiegebied2018-07-31T13:40:33+00:00

Gebruiksgebied of een gedeelte daarvan, waar de voor die gebruiksfunctie kenmerkende activiteiten, niet zijnde het verblijven van personen plaatsvinden

Functieruimten2018-07-31T13:42:00+00:00

in een functiegebied gelegen ruimte

Gebruiksfunctie2018-08-22T09:48:15+00:00

Gedeelten van een of meer bouwwerken die dezelfde gebruiksbestemming hebben en die tezamen een gebruikseenheid vormen.

Het Bouwbesluit kent 12 verschillende hoofdindelingen, te weten:

  1. Woonfunctie
  2. Bijeenkomstfunctie
  3. Celfunctie
  4. Gezondheidszorgfunctie
  5. Industriefunctie
  6. Kantoorfunctie
  7. Logiesfunctie
  8. Onderwijsfunctie
  9. Sportfunctie
  10. Winkelfunctie
  11. Overige gebruiksfunctie
  12. Bouwwerk geen gebouw zijnde
Gebruiksgebied2018-07-31T13:51:44+00:00

Vrij indeelbaar gedeelte van een gebruiksfunctie waar voor de gebruiksfunctie kenmerkende activiteiten plaatsvinden, dat bestaat uit een of meer op dezelfde bouwlaag gelegen ruimten gelegen in een brandcompartiment die niet door een dragende scheidingsconstructie van elkaar zijn gescheiden en die geen toiletruimte, badruimte, technische ruimte of verkeersruimte zijn, tenzij die ruimte zelf een functieruimte is.

Gebruiksoppervlakte2018-07-31T13:54:46+00:00

Gebruiksoppervlakte als bedoeld in NEN 2580

Gecorrigeerde loopafstand2018-07-31T13:58:28+00:00

Loopafstand waarbij constructieonderdelen die geen onderdeel uitmaken van de bouwconstructie buien beschouwing worden gelaten, waarbij de loopafstand voor zover deze door een gebruikgebied voert met 1,5 wordt vermenigvuldigd.

Geharmoniseerde norm2018-07-31T14:00:53+00:00

Norm als bedoeld in artikel 2, elfde lid, van de verordening bouwproducten

Geharmoniseerde technische specificatie2018-07-31T14:07:33+00:00

Specificatie als bedoeld in artikel 2, tiende lid, van de verordening bouwproducten

Gezondheidszorgfunctie2018-08-07T14:17:23+00:00

Voor de toepassing van de bij of krachtens het (bouw)besluit gegeven voorschriften wordt hieronder verstaan: Gebruiksfunctie voor medisch onderzoek, verpleging, verzorging of behandeling

Handbrandmelder2018-08-22T14:40:44+00:00

Een handbrandmelder is een melder waarmee mensen in een gebouw zelf handmatig een brand kunnen melden. De brandmelding zet de ontruimingsinstallatie in werking en wordt in geval van een doormelding ook naar de brandweer doorgemeld. Externe brandmelders, handbrandmelders en automatische brandmelders, moeten altijd in afzonderlijke meldergroepen worden opgenomen.

Herziene richtlijn energieprestatie gebouwen2018-07-31T14:20:54+00:00

Richtlijn 2010/31/EU van het Europees Parlement en de Raad van 19 mei 2010 betreffende de energieprestatie van gebouwen (herschikking) (PbEUL153/13)

Hoge spanning2018-07-31T14:23:54+00:00

Nominale wisselspanning van meer dan 1.000 Volt, hetzij een nominale gelijkspanning van meer dan 1.500 Volt

Huisrookmelder2018-08-22T09:28:28+00:00

Automatische rookmelder voor de toepassing in woonhuizen; bevat in één behuizing de onderdelen voor branddetectie en alarmering alsmede de energievoorziening of voeding.

Industriefunctie2018-08-07T14:19:33+00:00

Voor de toepassing van de bij of krachtens het (bouw)besluit gegeven voorschriften wordt hieronder verstaan: Gebruiksfunctie voor het bedrijfsmatig bewerken of opslaan van materialen en goederen, of voor agrarische doeleinden

Infrarood2018-08-22T09:25:32+00:00

Thermografie speelt een belangrijke ondersteunende rol bij het vaststellen van mogelijke risico’s op brand in een elektrische installatie. Inspecteurs kunnen met thermografie beter hun werk doen en bedrijven zo beter behoeden voor brand of uitval van installaties. Thermografie houdt in dat een speciale warmtecamera infraroodstraling meet en dit omzet in een temperatuurwaarde.

 

Installatie2018-07-31T14:26:59+00:00

Voor het functioneren van een bouwwerk of een gedeelte daarvan noodzakelijke voorziening van niet-bouwkundige aard.

Integraal toegankelijke badruimte2018-07-31T14:29:40+00:00

Badruimte in een toegankelijkheidssector

Integraal toegankelijke toiletruimte2018-07-31T14:40:38+00:00

Toiletruimte in een toegankelijkheidssector

Inwendige scheidingsconstructie2018-07-31T14:44:41+00:00

Constructie die een scheiding vormt tussen twee voor personen toegankelijke besloten ruimten van een gebouw, waaronder begrepen de op die constructie aansluitende delen van andere constructies, voor zover die delen van invloed zijn op het voldoen van die scheidingsconstructie aan een bij of krachtens dit besluit gegeven voorschrift.

J2018-07-31T15:16:33+00:00

Hier komt tekst met een J

kantoorfunctie2018-08-07T14:22:16+00:00

Voor de toepassing van de bij of krachtens het (bouw)besluit gegeven voorschriften wordt hieronder verstaan: Gebruiksfunctie voor administratie

Klimlijn2018-07-31T14:47:13+00:00

Denkbeeldige, vloeiend verlopende lijn die de voorkanten van de treden van een trap met elkaar verbindt.

Koelsysteem2018-07-31T14:56:34+00:00

Technisch bouwsysteem met als doel het koelen van een ruimte binnen een gebouw of gedeelte daarvan, door middel van het toevoeren van koude of het ontvochtigen van de lucht of een combinatie van beide.

Lage spanning2018-07-31T15:10:58+00:00

Nominale wisselspanning van niet meer dan 1.000 volt, hetzij nominale gelijkspanning van niet meer dan 1.500 volt

Leefzone2018-07-31T15:13:08+00:00

Gedeelte van een verblijfsgebied waarbij de ruimte gelegen binnen 1 m van een uitwendige scheidingsconstructie en hoger gelegen dan 1,8 m boven de vloer buiten beschouwing blijft.

Lichte industriefunctie2018-08-07T14:59:52+00:00

Voor de toepassing van de bij of krachtens het (bouw)besluit gegeven voorschriften wordt hieronder verstaan: Industriefunctie waarin activiteiten plaatsvinden, waarbij het verblijven van personen een ondergeschikte rol speelt

Lichte industriefunctie voor het bedrijfsmatig houden van dieren2018-08-07T15:02:26+00:00

Voor de toepassing van de bij of krachtens het (bouw)besluit gegeven voorschriften wordt hieronder verstaan: Lichte industriefunctie waarin dieren als bedoeld in bijlage II bij het Besluit houders van dieren, worden gehouden

Lift2018-08-03T14:00:24+00:00

Als bedoeld in artikel 1 van het Warenwetbesluit liften bestemd voor personen

Lifttoegang2018-08-03T14:15:11+00:00

Doorgang van een liftschacht voor het bereiken van een kooi van een lift

Logboek2018-08-22T14:26:07+00:00

Het woord logboek komt op zich niet voor in het Bouwbesluit en niet als zodanig verplicht. Een logboek is op zichzelf niet meer of minder dan een boekwerk waarin gebeurtenissen worden bijgehouden.

Artikel 1.23 in het Bouwbesluit geeft wel iets aan dat er mee verband houdt: “Aanwezigheid bescheiden”

Dit artikel schrijft de bescheiden of afschriften daarvan voor die op het bouwterrein aanwezig moeten zijn. Onder de genoemde bescheiden vallen in ieder geval (afschriften van) de omgevingsvergunning en het bouwveiligheidsplan. Voor de toezichthoudende en handhavende diensten is het van belang dat deze documenten op het terrein aanwezig zijn en op verzoek kunnen worden overgelegd, zodat zij kunnen nagaan of de op de bouw van toepassing zijnde voorschriften zijn en worden nageleefd.

In dit verband wordt er op gewezen dat dit besluit geen logboekverplichting zoals eerder wel in het Besluit brandveilig gebruik bouwwerken is opgenomen kent. De Algemene wet bestuursrecht voorziet namelijk in een algemene informatieplicht die een dergelijk voorschrift overbodig maakt. Dit neemt niet weg dat een logboek in veel gevallen een handig hulpmiddel kan zijn om aan de informatieverplichtingen te voldoen.

Ondanks bovenstaande is een logboek zeer aan te bevelen met daarin bijvoorbeeld de onderhoudscontracten en waar voorgeschreven CCV inspectie certificaten van Brandmeldinstallatie (BMI) en Ontruimingsalarminstallatie (OAI), vaste brandblussystemen (VBB, zoals sprinkler systemen), rookwarmteafvoer systemen, deurdrangers, brandwerende doorvoeringen etc. Dit is niet alleen voor het bevoegd gezag gemakkelijk maar zeker ook voor gebouweigenaren en gebruikers zelf.

Logiesfunctie2018-08-07T14:24:09+00:00

Voor de toepassing van de bij of krachtens het (bouw)besluit gegeven voorschriften wordt hieronder verstaan: Gebruiksfunctie voor het bieden van recreatief verblijf of tijdelijk onderdak aan personen

Logiesfunctie met 24-uurs bewaking2018-08-08T16:41:14+00:00

Voor de toepassing van de bij of krachtens het bouwbesluit gegeven voorschriften wordt hieronder verstaan: Logiesfunctie waarbij 24 uur per dag een functionaris aanwezig is in het logiesgebouw, op het eigen perceel of op een loopafstand van ten hoogste 100m vanaf de toegang van het logiesgebouw, mits die functionaris in geval van een calamiteit wordt gealarmeerd door de bij de logiesfunctie behorende ontruimingsinstallatie

Logiesgebouw2018-08-08T16:43:06+00:00

Voor de toepassing van de bij of krachtens het bouwbesluit gegeven voorschriften wordt hieronder verstaan: Gebouw of gedeelte van een gebouw, waarin meer dan een logiesverblijf ligt, dat is aangewezen op een gezamenlijke verkeersroute

Loopafstand2018-08-03T14:17:55+00:00

Afstand, gemeten lang een denkbeeldige, kortst realiseerbare lijn tussen twee punten, waarover op een afstand van ten minste 0,3 m. van constructieonderdelen kan worden gelopen en waarbij de loopafstan over een trap samenvalt met de klimlijn

Lozingtoestel2018-08-03T14:21:14+00:00

Toestel met een mogelijkheid voor aansluiting op de afvoervoorziening voor huishoudelijk afvalwater

Meetniveau2018-08-03T14:22:46+00:00

Hoogte van het aansluitende terrein, gemeten ter plaatse van de toegang van het gebouw

Meldergroep2018-08-22T14:33:11+00:00

Een melder groep is een verzameling van melders, die door een brandmeldcentrale als eenheid wordt herkend en ook als eenheid door deze centrale kan worden in- en uitgeschakeld.

Milieugevaarlijke stoffen2018-08-03T14:24:26+00:00

Gevaarlijke stoffen als bedoeld in het Activiteitenbesluit milieubeheer

NEN2018-08-03T14:25:42+00:00

Door de Stichting Nederlands Normalisatie-instituut uitgegevens norm

NEN 25352018-08-22T19:55:46+00:00

NEN 2535: Brandveiligheid van gebouwen – Brandmeldinstallaties – Systeem- en kwaliteitseisen en projectierichtlijnen
NEN 2535 geeft regels voor het ontwerp, de uitvoering, de compatibiliteit en de kwaliteit van het te installeren brandmeldsysteem.

In artikel 6.20, Brandmeldinstallatie, van het Bouwbesluit wordt  verwezen naar deze norm. Lid 1 geeft aan: “Een gebruiksfunctie heeft een brandmeldinstallatie als bedoeld in NEN 2535 met een omvang van de bewaking en een doormelding zoals aangegeven in bijlage I bij dit besluit, indien… etc”

NEN 25752018-08-22T14:49:54+00:00

NEN 2575: Brandveiligheid van gebouwen – Ontruimingsalarminstallaties – Systeem- en kwaliteitseisen en projecteringsrichtlijnen
NEN 2575 geeft eisen voor het ontwerp, de uitvoering, de compatibiliteit en de kwaliteit van ontruimingsalarminstallaties die zijn bedoeld om in geval van brand of andere noodsituaties een snelle en goede ontruiming van een gebouw en/of buitenruimte uit te voeren. De norm gaat in op verschillende ontruimingsalarminstallaties, zoals o.a. stilalarm en luidalarm.

  • NEN 2575-1: Algemeen
  • NEN 2575-2: Luidalarm – Ontruimingsalarminstallatie van type A
  • NEN 2575-3: Luidalarm – Ontruimingsalarminstallatie van type B
    – Binnenkort geconsolideerde versie beschikbaar –
  • NIEUW:NEN 2575-4: Draadloze stilalarminstallatie
  • NEN 2575-5: Stilalarm met attentiepanelen

Bron: NEN 

NEN 26542018-08-22T20:03:40+00:00

NEN 2654: Beheer, controle en onderhoud van brandbeveiligingsinstallaties
Een brandmeldinstallatie kan alleen effectief blijven functioneren wanneer het beheer, de controle en het onderhoud van de installatie op de juiste wijze plaatsvindt. NEN 2654 geeft de nodige aanwijzingen en eisen die in dit verband moeten worden aangehouden.

  • NEN 2654-1: Brandmeldinstallaties
  • NEN 2654-2: Ontruimingsalarminstallaties
  • NEN 2654-3: Rookbeheersingssystemen

Het Bouwbesluit, artikel 6.20 lid 7 en 8 (brandmeldinstallatie) en artikel 6.23 lid 3 en 5 (ontruimingsinstallatie en ontruimingsplan) schrijven voor dat onderhoud van deze installaties conform deze norm verplicht is.

NEN-EN2018-08-03T14:27:04+00:00

Door de Europesche Commissie voor Normalisatie geharmoniseerde norm

Nevenfunctie2018-08-03T14:37:05+00:00

Gebruiksfunctie die ten dienste staat van een andere gebruiksfunctie

Nominale belasting2018-08-03T14:39:29+00:00

Maximale belasting van een verbrandingstoestel, bepaald op basis van de calorische bovenwaarde van de brandstof waarvoor dat toestel is ingericht

Nooddeur2018-08-03T14:40:43+00:00

Deur die uitsluitend is bestemd om te vluchten

NVN2018-08-03T14:42:25+00:00

Door de Stichting Nederlands Normalisatie-instituut uitgegeven voornorm

Onderdeel van een gebouw2018-08-03T14:44:46+00:00

Technisch bouwsysteem of een onderdeel van de bouwschil

Onderdeel van een gebouw2018-07-30T13:09:11+00:00

Technisch bouwsysteem of een onderdeel van de bouwschil

Onderwijsfunctie2018-08-07T14:35:58+00:00

Voor de toepassing van de bij of krachtens het (bouw)besluit gegeven voorschriften wordt hieronder verstaan: Gebruiksfunctie voor het geven van onderwijs

Open erf2018-08-03T14:50:41+00:00

Onbebouwd deel van een erf

Overige gebruiksfunctie2018-08-07T14:38:57+00:00

Voor de toepassing van de bij of krachtens het (bouw)besluit gegeven voorschriften wordt hieronder verstaan: Niet in dit lid benoemde gebruiksfunctie voor activiteiten waarbij het verblijven van personen een ondergeschikte rol speelt

Overige gebruiksfunctie voor het personenvervoer2018-08-08T16:56:48+00:00

Voor de toepassing van de bij of krachtens het bouwbesluit gegeven voorschriften wordt hieronder verstaan: Overige gebruiksfunctie die bestemd is voor aankomst of vertrek van vervoermiddelen ten behoeve van weg-, spoorweg-, water-, of luchtverkeer van personen

PAC2018-09-20T15:41:51+00:00

Particuliere AlarmCentrale

Een particuliere alarmcentrale wordt geëxploiteerd door een particuliere organisatie. De overheid heeft hier een wet voor opgesteld, de Wet Particuliere Beveiligingsorganisaties en Recherchebureaus (de Wet PBR). Een particuliere alarmcentrale moet aan deze wet voldoen. Bij het ontvangen van een alarmsignaal worden met de klant overeengekomen acties ondernomen.

Permanente vuurbelasting2018-08-03T15:07:46+00:00

Volgens NEN 6090 bepaalde vuurbelasting van de brandbare materialen in de constructieonderdelen van een bouwwerk of van een daarin gelegen ruimte, dan wel de constructieonderdelen die dat bouwwerk of die ruimte begrenzen

Permanente vuurlast2018-08-03T15:33:54+00:00

Product van de permanente vuurbelasting van een ruimte of een groep van ruimten en de volgens NEN 2580 bepaalde netto-vloeroppervlakte van het beschouwde gedeelte van het bouwwerk

Plasbrandaandachtsgebied2018-08-03T15:36:06+00:00

Gebied als bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de verordening bouwproducten

Prestatieverklaring2018-08-03T15:37:41+00:00

Verklaring als bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de verordening bouwproducten

Q2018-08-24T14:45:06+00:00

Op dit moment is er nog geen woord met Q beschikbaar.

RAC2018-09-20T15:36:39+00:00

Regionale AlarmCentrale (lees: meldkamer brandweer)

RAL2018-08-03T15:40:57+00:00

Door het RAL Deutsches Institut für Gütesicherung und Kennzeichnung, gestandariseerde kleurcode

Rechtens verkregen niveau2018-08-03T15:44:33+00:00

Niveau dat het gevolg is van de toepassing op enig moment van de relevante op dat moment van toepassing zijnde technische voorschriften en dat niet lager ligt dan het niveau van de desbetreffende voorschriften voor een bestaand bouwwerk en niet hoger dan het niveau van de desbetreffende voorschriften voor een te bouwen bouwwerk

Rijbaan2018-08-03T16:28:03+00:00

Rijbaan als bedoeld in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990

Rookklasse2018-08-03T16:21:35+00:00

Europese Brandklasse als bedoeld in NEN-EN 13501-1, onderdeel Additional classifications for smoke production

Rookmelder2018-08-24T14:42:47+00:00

De meeste slachtoffers bij brand vallen door het inademen van rook. U ruikt niks als u slaapt maar alleen uw gehoor werkt. Van rooklucht wordt u dus niet wakker! Doordat rook veel giftige gassen bevat, raakt u binnen minuten bewusteloos.  Rookmelders zijn dus van levensbelang! Deze geven u de tijd om te vluchten.

De beste rookmelder

Rookmelders zijn verkrijgbaar in verschillende soorten en prijsklassen. Let er bij de aanschaf op of de rookmelder werkt op batterijen die jaarlijks vervangen moeten worden of dat er een batterij in de melder zit die tien jaar meegaat. Vaak halen mensen een lege batterij uit de rookmelder om van het gepiep af te zijn. Maar vervolgens komt het er niet van om een nieuwe batterij te plaatsen en is de rookmelder dus nutteloos. Een rookmelder met een batterij die tien jaar werkt, is bij aanschaf wel duurder maar levert veel gemak omdat je niet jaarlijks een nieuwe batterij hoeft te kopen en te plaatsen.

Waar ophangen?

Hang ten minste rookmelders in de hal en op de overloop. Dit is meestal de vluchtroute als er brand uitbreekt. Nog beter is het om ook melders op te hangen in alle slaapkamers en de woonkamer. En wil je maximale beveiliging, hang dan melders op in alle ruimten waar brand kan ontstaan.

Gekoppelde melders

Wil je meerdere melders in huis ophangen? Zorg er dan voor dat de melders aan elkaar gekoppeld kunnen worden. Dit kan tegenwoordig draadloos. Als een melder in huis afgaat door rook, dan gaat het signaal af bij alle melders die gekoppeld zijn. Dit laatste is ook handig als je bijvoorbeeld boven een winkel of café woont, of als jij of je buurman of -vrouw zonder hulp niet veilig buiten kunnen komen in geval van brand.

Bron: Brandweer

 

Sportfunctie2018-08-07T14:43:44+00:00

Voor de toepassing van de bij of krachtens het (bouw)besluit gegeven voorschriften wordt hieronder verstaan: gebruiksfunctie voor het beoefenen van sport

Stil alarm2018-08-24T14:48:09+00:00

Bij een stil alarm worden bepaalde groepen mensen gealarmeerd waardoor gerichte acties kunnen worden ondernomen zonder dat dit tot panieksituaties leidt.

Stookplaats2018-08-03T16:32:01+00:00

Opstelplaats voor een verbrandingstoestel dat bestemd is voor open verbranding van vaste brandstoffen

Straatpeil2018-08-03T16:54:44+00:00

A. Voor een bouwwerk waarvan de hoofdtoegang direct aan de weg grenst de hoogte van de weg ter plaatse van die hoofdtoegang
B. Voor een bouwwerk waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst de hoogte van het terrein ter plaatse van die hoofdtoegang bij voltooiing van de bouw

Subbrandcompartiment2018-08-03T17:01:20+00:00

Gedeelte van een bouwwerk dat binnen de begrenzing van een brandcompartiment ligt of daarmee samenvalt, bestemd voor beperking van verspreiding van rook of verdere beperkingen van het uitbreidingsgebied van brand

Systeemrendement2018-08-03T17:03:42+00:00

Verhouding tussen de door het technisch bouwsysteem nuttig geleverde energie voor het doelmatig functioneren van dat systeem en de door dat systeem aangewende primaire energie

Technisch bouwsysteem2018-08-03T17:06:14+00:00

Gebouwgebonden samenstelling van alle bestanddelen van een installatie waaronder isolatiekenmerken daarvan, die is bedoeld voor het verwarmen, koelen, ventileren of het voorzien van warmtapwater, of een combinatie daarvan, van een gebouw of een gedeelte daarvan

Technische ruimte2018-08-06T13:26:18+00:00

Ruimte voor het plaatsen van apparatuur, noodzakelijk voor het functioneren van het bouwwerk, waaronder in ieder geval begrepen een meterruimte een liftmachineruimte en een stookruimte

Terrein2018-08-06T13:27:33+00:00

Bij een bouwwerk behorend onbebouw perceel, of een gedeelte daarvan, niet zijnde een erf

Tijdelijk bouwwerk2018-08-06T13:38:08+00:00

Bouwwerk dat bedoeld is om voor een periode van ten hoogste vijftien jaar op een bepaalde plaats aanwezig te zijn

Toegankelijkheidssector2018-08-06T13:29:42+00:00

Voor personen met een fysieke functiebeperking zelfstandig bruikbaar en toegankelijk gedeelte van een gebouw

Trappenhuis2018-08-24T14:49:35+00:00

Verkeersruimte waarin een trap ligt

Tunnelbuislengte2018-08-06T13:36:27+00:00

Lengte van het omsloten gedeelte van een tunnelbuis

Tunnellengte2018-08-06T13:35:19+00:00

Lengte van de wegtunnelbuis met de grootste tunnelbuislengte

Uitgang van een gebruiksfunctie2018-08-06T13:41:54+00:00

Uitgang tot het aanluitende terrein, een gemeenschappelijke verkeersruimte, een gemeenschappelijk verblijfsgebied of een ruimte van een andere gebruiksfunctie, ter plaatse waarvan een route eindigt die begint in een punt in een niet-gemeenschappelijk verblijfsgebied en uitsluitend voert door niet-gemeenschappelijke ruimten van de gebruiksfunctie

Uitwendige scheidingsconstructie2018-08-06T13:45:08+00:00

Constructie die de scheiding vormt tussen een voor personen toegankelijke besloten ruimten van een gebouw en de buitenlucht, de grond of het water, waaronder begrepen de op die constructie aansluitende delen van andere constructies, voor zover die delen van invloed zijn op het voldoen van die scheidingsconstructie aan een bij of krachtens dit besluit gegeven voorschrift

Ultraviolet2018-08-24T14:57:47+00:00

In de petrochemische industrie waar gevaarlijke en vaak ook zeer brandbare stoffen aanwezig zijn is het belangrijk brand zo snel mogelijk te ontdekken. Hiervoor zijn systemen die rook, gas en vlammen kunnen ontdekken nog voordat er sprake is van brand. Rook kan al in het smeulstadium van een brand worden gedetecteerd aan de hand van partikels in de lucht en gassen en vlammen kunnen worden ontdekt met behulp van sensoren die gebruikmaken van ultraviolet of infrarood detectoren.

V2018-08-06T13:47:01+00:00

Door de Hoofdcommissie voor de Normalisatie uitgegeven leidraad

Veilige plaats2018-08-24T15:02:02+00:00

Doelen van het Bouwbesluit
Er zijn technische voorschriften voor het slopen, (ver)bouwen en gebruiken. Zowel voor gebouwen als andere bouwwerken, zoals bruggen en tunnels. In diverse hoofdstukken komt ook het brandveilig gebruik van gebouwen aan de orde.

Met de voorschriften uit het Bouwbesluit wil de overheid met betrekking tot de brandveiligheid:

  • De kans beperken dat een brand kan ontstaan, zich kan ontwikkelen of zich kan uitbreiden.
  • Zorgen dat er geen slachtoffers vallen en dat mensen die zich in een brandend bouwwerk bevinden, op tijd een veilige plaats kunnen bereiken.
  • Een eventuele brand zoveel mogelijk beperken tot het eigen perceel.

Wat is het Bouwbesluit?
Als je gaat bouwen, verbouwen of een pand gebruiken, moet je voldoen aan de eisen van het Bouwbesluit. Een bouwwerk mag geen gevaar opleveren voor gebruikers en omgeving. Daarom heeft de overheid in het Bouwbesluit 2012 voorschriften voor veiligheid, gezondheid, bruikbaarheid, energiezuinigheid en milieu vastgelegd. Een bouwwerk moet altijd voldoen aan die voorschriften.

Veiligheidsroute2018-08-06T14:03:28+00:00

Gedeelte van een extra beschermde vluchtroute dat voert door een niet besloten ruimte en aansluitend daarop door een ruimte die uitsluitend kan worden bereikt vanuit niet besloten ruimten

Veiligheidsvluchtroute2018-08-06T14:22:58+00:00

Gedeelte ven een extra beschermde vluchtroute dat voert door een niet besloten ruimte en aansluitend daarop door een ruimte die in de vluchtrichting uitsluitend kan worden bereikt vanuit niet besloten ruimten

Veiligheidszone2018-08-06T14:24:48+00:00

Gebied langs of binnen een basisnetroute waar het plaatsgebonden risico meer bedraagt of kan bedragen dan 10-6

Ventilatiesyteem2018-08-06T14:29:09+00:00

Technische bouwsysteem, geen onderdeel uitmakend van een verwarmings- of koelsysteem, dat verse lucht toevoert of verontreinigde binnenlucht afvoert, of een combinatie daarvan

Verblijfsgebied2018-08-06T14:30:22+00:00

Gebruiksgebied of een gedeelte daarvan voor het verblijven van personen

Verblijfsruimte2018-08-06T14:31:35+00:00

In een verblijfsgebied gelegen ruimte voor het verblijven van personen

Vergunning voor brandveilig gebruik2018-08-06T14:33:36+00:00

Vergunning voor brandveilig gebruik als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder d, van de Wabo

Vergunning voor het bouwen2018-08-07T12:01:00+00:00

Vergunning voor een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo

Verkeersroute2018-08-07T12:26:41+00:00

Route die begint bij een doorgang van een ruimte, uitsluitend voert over vloeren, trappen of hellingbanen en eindigt bij de doorgang van een andere ruimte

Verkeersruimte2018-08-07T12:29:30+00:00

Ruimte bestemd voor het bereiken van een andere ruimte, niet zijnde een ruimte in een verblijfsgebied of in een functiegebied, een toiletruimte, een badruimte, of een technische ruimte

Verordening bouwproducten2018-08-07T12:34:08+00:00

Verordening van het Europees parlement en de Raad van 9 maart 2011 tot vaststelling van geharmoniseerde voorwaarden voor het verhandelen van bouwproducten en tot intrekking van Richtlijn 89/106/EEG van de Raad (305/2011/EU, PbEU L88)

Verpakkingsgroep2018-08-07T12:40:43+00:00

Verpakkingsgroep als bedoeld in de op 30 september 1957 te Geneve tot stand gekomen Europese overeenkomst betreffende het internationale vervoer van gevaarlijke goederen over de weg (Trb. 1959, 171)

Verwarmingssysteem2018-08-07T13:10:40+00:00

Technisch bouwsysteem waarin warmte wordt opgewekt, gedistribueerd of afgegeven of een combinatie daarvan

Vluchtroute2018-08-07T13:22:39+00:00

Route die begint in een voor personen bestemde ruimte, uitsluitend voert over vloeren, trappen of hellingbanen en eindigt op een veilige plaats, zonder dat gebruik behoeft te worden gemaakt van een lift

Voor personen bestemde vloer of ruimte2018-08-07T13:25:24+00:00

Vloer of ruimte waarvan het kenmerkende gebruik verbonden is met de aanwezigheid van personen

Vrije breedte2018-08-07T13:27:20+00:00

Kleinste afstand tussen constructieonderdelen aan weerskanten van een doorgang

Vrije hoogte2018-08-07T13:28:58+00:00

Vrije hoogte als bedoeld in NEN 2580

Vuurbelasting2018-08-07T13:31:22+00:00

Hoeveelheid warmte die vrijkomt per eenheid vloeroppervlakte bij verbranding van alle in een gebouw of een daarin gelegen ruimte aanwezige brandbare materialen

Wabo2018-08-07T13:32:37+00:00

Wet algemene bepalingen omgevingsrecht

Warmtapwatersysteem2018-08-07T13:35:25+00:00

Technisch bouwsysteem waarin warmtapwater wordt opgewekt, gedistribueerd of afgegeven of een combinatie daarvan

Warmteplan2018-08-07T13:39:01+00:00

Besluit van de gemeenteraad inzake de aanleg van een distributienet voor warmte in een bepaald gebied, waarin voor een periode van ten hoogste 10 jaar, uitgaande van het voordie periode geplande aantal aansluitingen op dat distributienet, de amte van een energiezuinigheid en bescherming van het milieu, gebaseerd op de energiezuinigheid van dat distributienet en het opwekkingsrendement van de over dat distributienet getransporteerde warmte, bij aansluiting op dat distributienet is opgenomen

Weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag2018-08-07T13:41:40+00:00

Kortste tijd die een brand nodig heeft om zich uit te breiden van een ruimte naar een andere ruimte

Wegtunnel2018-08-07T13:49:19+00:00

Tunnel of tunnelvormig bouwwerk uitsluitend dan wel mede bestemd voor motorrijtuigen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder c, van de Wegenverkeerswet 1994

Wegtunnelbuis2018-08-07T13:50:23+00:00

Gedeelte van een wegtunnel voor een rijbaan

Wet2018-08-07T13:54:06+00:00

Het bouwbesluit is onderdeel van de Woningwet

Winkelfunctie2018-08-07T14:42:06+00:00

Voor de toepassing van de bij of krachtens het (bouw)besluit gegeven voorschriften wordt hieronder verstaan: Gebruiksfunctie voor het verhandelen van materialen goederen of diensten

Wooneenheid2018-08-08T16:58:23+00:00

Voor de toepassing van de bij of krachtens het bouwbesluit gegeven voorschriften wordt hieronder verstaan: Gedeelte van een woonfunctie voor kamergewijze verhuur dat bestemd is voor afzonderlijke bewoning

Woonfunctie2018-08-07T14:45:10+00:00

Voor de toepassing van de bij of krachtens het (bouw)besluit gegeven voorschriften wordt hieronder verstaan: Gebruiksfunctie voor het wonen

Woonfunctie voor de zorg2018-08-09T11:12:45+00:00

Bouwbesluit: Woonfunctie waarbij aan bewoners professionele zorg wordt verleend met een vanuit het zorgaanbod georganiseerde koppeling tussen wonen en zorg in een daarvoor betamde en uitgeruste woonfunctie

Woonfunctie voor kamergewijze verhuur2018-08-08T17:01:47+00:00

Voor de toepassing van de bij of krachtens het bouwbesluit gegeven voorschriften wordt hieronder verstaan: Niet-gemeenschappelijk deel van een woonfunctie waarin zich vijf of meer wooneenheden bevinden

Woonfunctie voor studenten2018-08-08T17:08:42+00:00

Voor de toepassing van de bij of krachtens het bouwbesluit gegeven voorschriften wordt hieronder verstaan: woonfunctie voor bewoners die zijn ingeschreven aan een instelling als bedoeld in artikel 1.1.1. onderdeel b, van de Wet educatie en beroepsonderwijs of aan een universiteit of hogeschool als bedoeld in artikel 1.2., onderdelen a en b, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek

Woongebouw2018-08-09T11:26:01+00:00

Bouwbesluit: Gebouw of gedeelte daarvan met uitsluitend woonfuncties of nevenfuncties daarvan, waarin meer dan een woonfunctie ligt die is aangewezen op een gemeenschappelijke verkeersroute

Woonwagen2018-08-09T11:22:15+00:00

Bouwbesluit: Woonfunctie op een perceel bestemd voor het plaatsen van een woonwagen

XY2018-08-24T15:12:23+00:00

Er zijn nog geen woorden met X Y  ingevuld in de Kennisbank

Zuurstof2018-08-24T15:11:34+00:00

Voor het ontstaan van vuur zijn een drietal factoren nodig, de zogenaamde branddriehoek, ook wel brandcirkel genoemd. Ontbreekt één van deze drie factoren dan zal er geen vuur en dus geen brand ontstaan. De drie factoren zijn:

  • brandstof
  • zuurstof
  • temperatuur/ontstekingsenergie