Spiegeldraadglas
Veel gebouwen hebben nog (spiegel)draadglas, met het idee dat dit “brandwerend” is—een hardnekkige erfenis uit oudere richtlijnen. In dit artikel leggen we uit waar dat beeld vandaan komt, wat de NEN 6069-historie hierin deed, en wat vandaag onder Bbl/NEN-EN werkelijk geldt. Kort gezegd: draadglas én spiegeldraadglas tellen niet meer als brandwerend; alleen glas met geldige EW/EI-classificatie voldoet. We bespreken wat dit betekent voor bestaande situaties en welke alternatieven wél passend zijn.
Is spiegeldraadglas brandwerend?
Een goede en herkenbare vraag. Om deze te beantwoorden is het misschien goed om eerst wat zaken te onderscheiden, om te beginnen met het verschil tussen draadglas en spiegeldraadglas en historische meningen of kennis.
In de tijd van het eerste Bouwbesluit (1992) en daarvoor (en in oudere gemeentelijke bouwverordeningen) werd onderscheid gemaakt tussen:
- Draadglas (ruw, ongeslepen)
- Spiegeldraadglas (gepolijst, glad)
Toen gold — in de praktijk en soms in toelichtingen of richtlijnen van bijvoorbeeld de toenmalige Brandweeracademie of TNO — ongeveer het volgende:
- Draadglas had beperkte brandwerendheid (ongeveer 10–15 minuten).
- Spiegeldraadglas hield iets langer stand (ongeveer 20–30 minuten) vanwege het dichtere oppervlak en geringere thermische spanningen.
- Het werd soms toegestaan in brandwerende scheidingen van 30 minuten, omdat het risico op vroegtijdige bezwijken kleiner werd geacht. Een 30 minuten brandscheiding wordt immers vaak gezien als rookscheiding, geen brandscheiding.
Dat was dus een praktisch werkbare richtlijn, niet gebaseerd op de toen geldende testnormen, maar op ervaringskennis.
Rond de tijd dat het eerste Bouwbesluit het levenslicht zag in 1992, werd ook de eerst NEN 6069 gepubliceerd. De eerste versie uit 1991 was slechts 20 bladzijden. De titel luidde: ‘Experimentele bepaling van de brandwerendheid van bouwdelen’. We zijn inmiddels bij de 7e versie (2022) met 75 bladzijden. De titel is voortaan ‘Bepaling en classificatie van de brandwerendheid van bouwdelen en bouwproducten’. Vooral de introductie van Europese methodieken (die in de 2005-versie zijn geïnitieerd) heeft wat veranderingen teweeggebracht, zeker ook als het gaat om de eisen en acceptatie van spiegeldraadglas.
Deze 2005 versie heeft er mede toe bijgedragen dat spiegeldraadglas in bestaande bouw tot maart 2007 alleen nog geaccepteerd werd in brandwerende scheidingen als het onder een bepaalde oppervlakte bleef in een vlak van 2,5 x 2,5 meter. Maximaal 1,7 m2 als het gaat om een 30 minuten brandscheiding en 0,9 m2 bij 60 minuten brandscheidingen. Voor bestaand bouw ná maart 2007 werd spiegeldraadglas alleen nog geaccepteerd voor 30 minuten brandwerende scheidingsvlakken van 2,5 x 2,5 meter tot een oppervlakte van 2,2 m2 (groter dan tot maart 2007 omdat toen de gedachte leefde dat het dan alleen nog om rookscheidingen gaat).
NEN 6069
Even over de NEN 6069: In die norm werd en wordt vastgelegd welke producten op welke manier brandwerendheid van bouwdelen beoordeeld moet worden. Denk aan glas en deuren aan ‘EW’ of ‘EI’ criteria, doorvoeringen aan ‘EI’, draagconstructies aan ‘R’ et cetera. Voor het geval je de afkortingen niet kent even heel kort en niet volledige uitleg: ‘E’ wil zeggen dat een constructie vlamdicht moet zijn, ‘I’ wil zeggen dat de temperatuur niet te veel mag oplopen, ‘W’ dat de straling niet te hoog mag worden en ‘R’ gaat over de tijd dat er iets zal niet mag bezwijken.
Huidige situatie (Bbl / NEN-EN-normen)
Onder het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) en de NEN-EN 13501 / 1634-serie geldt:
- Brandwerendheid van constructieonderdelen moet aantoonbaar getest en gecertificeerd zijn.
- Er wordt geen onderscheid meer gemaakt tussen draadglas en spiegeldraadglas.
- Alleen glas dat een geldige EW- of EI-classificatie heeft (met testrapport volgens NEN-EN 1634-1) mag meetellen als brandwerend glas.
- Dus: er is geen vrijstelling meer op basis van oppervlak of type draadglas.
In de praktijk van bestaande bouw is het wel zo dat:
- Inspecteurs of bevoegd gezag soms nog een lichte tolerantie toepassen voor spiegeldraadglas van klein formaat,
maar dat is geen formele regel, hoogstens een beoordelingsruimte binnen de zorgplicht (“niet verslechteren van brandveiligheid”).
Samenvattend: wat klopt er (nog) van die “oude praktijk”?
| Aspect | Oude praktijk (tot ± jaren 2007) | Huidige stand (Bbl / NEN-EN) |
| Draadglas | Niet toegestaan als brandwerend | Niet toegestaan als brandwerend |
| Spiegeldraadglas | Toegestaan bij kleine oppervlakken (< ca. 0,5 m²) | Alleen toegestaan als aantoonbaar getest brandwerend glas |
| Reden van verschil | Spiegeldraadglas barst minder snel bij verhitting | Geen verschil meer erkend in normen |
| Mag blijven zitten bij bestaande bouw | Ja, soms gedoogd bij kleine vlakken | Ja, maar niet meer als brandwerend beschouwd |
Conclusie
We herkennen de stelling waarbij een oude, praktijk gebaseerde richtlijn die vroeger werd toegepast en die je ook vandaag nog terugziet in oudere gebouwen en rapporten.
Maar volgens het huidige normenkader:
- Draadglas én spiegeldraadglas worden niet meer als brandwerend beschouwd.
- Er geldt geen oppervlaktegrens waaronder het nog is toegestaan om het als brandwerend te beschouwen.
- Je mag het fysiek laten zitten in bestaande situaties, het glas houdt de scherven bij elkaar, wat het risico op ernstig letsel door vallende glasscherven beperkt in vergelijking met gewoon glas, maar niet meetellen als brandwerend glas. Het werd vaak gebruikt in bijvoorbeeld scholen of plaatsen waar deuren wat minder zorgvuldig werden gesloten maar ook daarvoor is tegenwoordig beter glas beschikbaar.
Overzichtstabel
Deze tabel geeft een overzicht van deze blog maar let dus op: eigenlijk mag spiegeldraadglas niet meer en zou je het niet meer moeten willen.
|
Bestaande bouw tot maart 2007 in een vlak van 2,5 x 2,5 meter |
Bestaande bouw vanaf maart 2007 in een vlak van 2,5 x 2,5 meter |
Bestaande bouw vanaf januari 2024 in een vlak van 2,5 x 2,5 meter |
|
| 30 minuten rookwerend |
✓ |
✓ |
Sa |
| 30 minuten brandwerend |
Maximaal 1,7 m2 |
Maximaal 2,2 m2 in staalprofiel |
✖ |
| 60 minuten brandwerend |
Maximaal 0,9 m2 |
✖ |
Joric Witlox
Joric Witlox is een ervaren brandveiligheidsadviseur met ruim 25 jaar expertise in zowel passieve als actieve brandveiligheid. Als oprichter van Witlox Brandveiligheid en voorzitter van Brandveilig Bouwen Nederland (BBN) zet hij zich in om brandveilig bouwen en beheren naar een hoger niveau te tillen. Hij adviseert gebouweigenaren, aannemers en toezichthouders en staat bekend om zijn kritische blik, praktijkervaring en focus op kwaliteit boven de wettelijke minimumeisen.
Daarnaast deelt Joric zijn kennis actief via trainingen, presentaties en publicaties. Met zijn combinatie van inhoudelijke deskundigheid, communicatieve kracht en persoonlijke betrokkenheid weet hij complexe veiligheidsvraagstukken helder en praktisch te vertalen, altijd met het doel om écht het verschil te maken in brandveiligheid.